Algemeen:
Start pagina
Wie zijn wij
Laatste nieuws
Wandelen
Gastenboek

Vakantie's:
Landen
Eilanden
Steden
Wintersport
Motortrips

Fotografie:
Natuur
Bezoekersgalerij
Bezoekersverhalen Fotoselectie
Wandelfotografie

Diversen:
Zonnemaire.eu
Links
Totaaloverzicht
Contact
English

Meiringen Reichenbachfall

21 juli 2000

Foto's
Het beloofd vandaag wederom een warme dag te worden. Het is nog vroeg en de zon staat nu al hoog aan de hemel. We staan lekker vroeg op, want er staat weer een spectaculaire wandeling op het programma. Vandaag gaan we terug in de tijd en volgen een stukje uit het laatste boek over Sherlock Holmes. Conan Doyle, de schrijver van de Sherlock Holmes verhalen, vond het nodig een eind te maken aan de serie boeken en liet de held verdrinken in de “Reichenbachfall” bij Meiringen. In Meiringen is ook het Sherlock-Holmes museum gevestigd en even buiten het dorp kun je via een kabelbaantje naar boven om de “Reichenbachfall” te bezoeken. Het water stort van hieruit 100 meter diep het Rosenlauidal in. We genieten nog even van het prachtige uitzicht over de BrienzerSee. De camping in Bönigen is klein en géén meter gras is er recht.
Onze tent staat zo goed en kwaad als het kan op een hoger gelegen terp opgesteld. Gelukkig zijn we met de kleine tent, want de grote tent zou hier geen kans van slagen hebben. Het is er niet druk, slechts 6 tentjes staan er schots en scheef door elkaar. Een blind paard kan op deze camping geen schade aanrichten. Er staat een oud houten gebouwtje waarin 2 douches en 4 toiletten zijn gemaakt. Het ziet er verwaarloosd uit en overal hangen spinnenwebben, ondanks dat de eigenaar trouw elke avond met emmer en dweil gewapend een bezoek brengt aan het gebouwtje. Als je onder de douche staat kun je beter niet naar boven kijken, want de kans is aanwezig dat een spin afdaalt tot in je oog. Verder is er op de camping niets. Helemaal niets. En dat is nu precies wat wij willen. Rust en ruimte. Het uitzicht is magnifiek. Aan de overkant van het meer liggen kleine dorpjes en als het donker is zie je de lichtjes branden en hoor je de stoomfluit van het treintje dat elk uur trouw zijn rondje aflegt. Elke avond komt de vrouw van de eigenaar even gezellig langs voor een praatje. Als we groente willen, mogen we dat zelf uit hun tuintje pakken. Ze wonen verderop in het dorp, maar we mogen nemen wat we op kunnen. Ook oma, de moeder van de eigenaar, komt ’s avonds mee naar de camping. Dan gaat het oude gehavende loketje open en kun je inschrijven op de camping. Een paar oude verfrommelde papiertjes komen uit een krakkemikkig kastje tevoorschijn en als dit ingevuld is en de verschuldigde 9 Zwitserse Frank is betaald, ben je vrij om te gaan en staan waar je wilt. Als je op de camping aankomt en oma is er niet, dan zoek je gewoon een plaatsje en zet je de tent op. Oma komt vanzelf wel een keer om de nodige papieren op te zoeken en in te laten vullen. Over de verschuldigde huur maken ze zich ook al niet druk. Kom je laat in de avond aan en ben je vroeg in de morgen weg, dan schuif je gewoon 9 Frank onder het kapotte ruitje van het loket door en klaar ben je. Waar vind je dit nog? Vanuit Bönigen is het een kleine 10 minuten met de auto richting Meiringen. Omdat de enige verbinding over de grote weg gaat, gaan we niet lopen, maar nemen we de auto. Bij het kabelbaantje is genoeg parkeergelegenheid. Een bezoek aan het Sherlock-Holmes museum slaan we over. Daarvoor is het nu veel te warm. Bij het kabelbaantje is het rustig. De bekende Zwitserse rust. We moeten zelfs enkele minuten wachten voordat er nog een aantal passagiers zijn aangekomen. Met 6 passagiers is het de moeite van vertrek waard en uiterst langzaam sjokken we omhoog. Het uitzicht wordt mooier en mooier naarmate we hoger komen. Telkens denken we dat het niet mooier kan worden, als we weer een stukje van de waterval zien, dat nog hoger en mooier is. Na een kleine 10 minuten stopt het kabelbaantje en de portier verteld dat we het laatste stukje naar boven moeten lopen, maar, zo verzekerd hij ons, het is niet ver meer. De temperatuur is inmiddels gestegen naar zo’n 38 graden. De laatste dagen is het steeds rond deze temperatuur geweest en de eerste liter water is al snel op. Gelukkig koelt het in de bergen ’s avonds snel af, dus slapen doen we prima. We klimmen langzaam omhoog en telkens is er een uitsparing met een hek gemaakt om te kunnen genieten van de waterval. Door het zonlicht dat in de diepte op het water schijn ontstaan er telkens prachtige regenbogen boven het water. Hoger en hoger klimmen we en het valt niet mee in de hitte. Het is benauwend door de vochtigheid van de waterval, maar we zetten door. Het zwoegen wordt beloond, want bij het hoogst bereikbare punt is het uitzicht schitterend. Onder ons klettert de waterval hard naar beneden en voor ons zien we het Rosenlauidal. Kleine dorpjes en weggetjes strekken zich uit, omringd door hoge bergen. Het is er bijzonder rustig, alleen het kletteren van de waterval en het gefluit van vogels doet ons beseffen dat er leven rondom ons is. We genieten een poosje van het uitzicht en nuttigen onze broodjes. We vervolgen het pad en gaan niet met het kabelbaantje naar beneden. We gaan natuurlijk lopen. Over de waterval ligt een betonnen brug. Het pad kronkelt langzaam naar beneden richting Meiringen en loopt afwisselend over glooiende velden en door het bos. Regelmatig nemen we een pauze om van de natuur en het uitzicht te genieten. Jammer van de vele muggen en vliegen, maar wat wil je als je praktisch tussen de koeien loopt.

© Copyright 2004-2008 - Digna van den Broek